Werk maken van vrije tijd

Economisch herstel

Verlies van 75 tot 100 miljoen overnachtingen

De snelheid waarmee het herstel plaatsvindt heeft ook gevolgen. Wanneer het economisch herstel een V-curve volgt, keert de economie relatief eenvoudig en snel terug op haar oorspronkelijke niveau. Een terugkeer via een U-curve (een langzamer herstel) brengt de toeristisch-recreatieve sector meer schade toe. In het geval van een V-curve verwachten we dat het verlies aan overnachtingen van internationale gasten tot aan 2024 op ongeveer 75 miljoen overnachtingen uitdraait. Dit kan oplopen tot 100 miljoen overnachtingen in het geval van een U-curve (langzamer herstel).

 

Sterke regio’s herstellen sneller: mogelijk al in 2022 

De meeste Nederlandse regio’s zijn georiënteerd op Nederlands bezoek en bezoek uit onze buurlanden en trekken slechts 2% intercontinentaal bezoek, waar dat in Amsterdam tot 27% oploopt. In de regio’s komt juist tweederde van alle gasten uit Nederland, in 2020 was dat tot en met augustus nog verder gegroeid (tot meer dan 70%). Dat betekent dat de regio’s sneller zullen kunnen herstellen dan pas in 2023 of 2024. Belangrijke voorwaarden zijn wel dat er een vaccin komt, er vanuit Duitsland en België weer gereisd mag worden naar Nederland en de binnenlandse markt op niveau blijft. We zullen hier ook (sterke) verschillen zien tussen bijvoorbeeld steden en het buitengebied: in steden is de toeristische markt weer sterker afhankelijk van het zakelijk toerisme, dat sterk is gekrompen en waarvan het onzeker is of het niveau van 2019 weer zal terugkeren. Voor steden is het daarom mogelijk dat de (hotel)markt pas herstelt in 2023-2024 of zelfs nog later, terwijl in toeristische regio’s met veel binnenlandse gasten en gasten uit de buurlanden (met beperkt aandeel van de zakelijke markt) eerder een herstel vanaf 2022 valt te verwachten. Hier ligt een kans voor ondernemers om vol in te zetten op marketing om Duitsers en Belgen weer in groten getale naar Nederland te halen.

 

Amsterdam en Schiphol: langer wachten op herstel

De markten die het sterkst van de internationale gast afhankelijk zijn, worden het zwaarst getroffen. Amsterdam is voor het merendeel van de internationale gasten, en zeker voor die van verder weg komen, de belangrijkste reason to visit in ons land. Circa een derde van de krimp tot en met augustus 2020 sloeg neer in Amsterdam en Schiphol (terwijl hier een zesde van de overnachtingen plaatsvindt).

Het is dus aannemelijk dat het toeristisch ecosysteem van Amsterdam het langst hinder zal ondervinden van de crisis. Dat is zorgelijk voor hotels, musea en attracties. De zorgen worden verder vergroot gezien tientallen uitstaande plannen voor nieuwe hotels. In de bredere regio zijn 14.000 nieuwe hotelkamers gepland voor de komende jaren. Zeker voor hotels in de regio van Amsterdam is onderscheidend vermogen, bijvoorbeeld eigen content, belangrijk om op te vallen in de competitieve markt.

 



Ook musea en attracties in Amsterdam zelf zijn sterk afhankelijk van de internationale gast, trekkers als Lovers Canal Cruises, het Anne Frankhuis, het Van Gogh Museum en de Heineken Experience zelfs voor 80 tot 90%[1]. In een bredere context zal het banenverlies dus nog groter zijn en veel organisaties zullen ook in de komende jaren pas op de plaats moeten maken.

 

Minder toerisme biedt ook kansen 

De beelden van de lege Dam tijdens de eerste golf van de coronacrisis zal iedereen zich nog herinneren, net als Giethoorn zonder Chinese bezoekers. Amsterdammers en bewoners van Giethoorn hebben in de periodes daarna (toen weer wat meer mogelijk was) hun woonplaats kunnen herontdekken, omdat de drukte veel minder groot was dan in normale jaren. De waardering is groot. Het is interessant om te zien of deze ontwikkeling ook bedrijfseconomische gevolgen heeft. Zal het Amsterdam van 2025 nog dezelfde stad zijn als die van 2019? Blijft het aanbod in het centrum sterk op de toerist geënt of is de aandacht voor een gezond en uitgebalanceerd toeristisch ecosysteem blijvend? De huidige crisis biedt in elk geval kansen om in te zetten op een nieuwe positionering van grote steden met een andere diversiteit van aanbieders. Amsterdam deed hiervoor alvast een aanzet, met de visie op de bezoekerseconomie van de stad voor het jaar 2025.

 

Meer weten?

Wilt u graag een advies op maat voor uw bedrijf of organisatie? Neem dan eens contact op met Ronald Haagen

 

[1] Bron: Respons, Top-50 Attracties

Ronald Haagen

Ronald Haagen

Rationele bedrijfseconoom die meer waarde geeft aan data

Tel. : 06 5153 5260
Email : r.haagen@zka.nl